Berichten

DF-antennes, de USA varianten

Gigantische DF-antennes (deel 3)

DF-Antennes, de USA varianten

DF-Antennes, de USA variantenIn het eerste deel schreef ik: De kenmerken van een “Wullenweber” zijn meerder breedbandige antennes (monopolen) geplaatst in een cirkel en achter elke antenne een vlak reflectiescherm dat verbonden is met een aardnetraster dat groter is dan de diameter van de antennecirkel. Deze kenmerken zelfs de naam “Wullenweber” zijn bij de twee verschillende vormen van DF antennes in een cirkel door de westerse wereld overgenomen. Ook de USSR varianten in deel 2 hebben deze kenmerken behalve de naam “Wullenweber”.

Ten aanzien van de Wullenweber antenne arrays met name de USA varianten waar dit deel van het verhaal over gaat zie als eerste: AGARD Wullenweber. Hier vind je een nadere uitleg over deze antennes. De fysieke uitvoering van de Duitse Wullenweber draad antenne zoals Abb. 2 in deel 1 is in de USA varianten losgelaten. In deel 2 de voormalige USSR varianten zien we wel afgeleiden van de originelen Duitse Wullenweber antenne terug. John Stone Stone heeft op de eerste Direction Finding System patent verkregen in 1902 (US Patent 716134). Opm. pa3clq, System is niet een antenna array. Alternatieve en verbeterde DF-systemen werden uitgevonden door Lee de Forest in 1904 (US Patent 771819), en door Italiaanse ingenieurs Ettore Bellini en Alessandro Tosi in 1909 (US Patent 943960).

Lees op deze webpagina het volledige verhaal inclusief verwijzingen naar foto’s en achtergronden zoals door Jan Pieter Oelp (PA3CLQ) onderzocht.

DF-antennes, de voormalige USSR varianten

Gigantische DF-Antennes (deel 2)

DF-Antennes, de voormalige USSR varianten

Gigantische DF-Antennes, de voormalige USSR varianten Het grootste en meest geraffineerde Sovjet SIGINT grond systeem. De originele Krug arrays, welke tijdens het eind van de veertiger jaren en in de vijftiger jaren van vorige eeuw werden geinstalleerd, waren eigenlijk kopieen van de Wullenweber Circularly-Disposed Antenna Arrays (CDAAs), zoals ontwikkeld in Duitsland gedurende de tweede wereld oorlog. Het systeem was ontworpen om de frequentieband van 6 tot 20 MHz af te dekken. De mogelijkheden van de Krug systemen zijn steeds weer verder verbeterd gedurende de afgelopen drie decennia.

Lees op deze webpagina het volledige verhaal inclusief verwijzingen naar foto’s en achtergronden zoals door Jan Pieter Oelp (PA3CLQ) onderzocht.

Gigantische DF-Antennes, de Originele Duitse Wullenweber

Gigantische DF-Antennes

de Originele Duitse Wullenweber

In 1926 had Watson-Watt’s reeds een DF-receiver concept voor een CRT (Cathode Ray Tube) ontwikkeld. Ten aanzien van Watson-Watt’s DF-receiver concept werd de N/Z antennes geplaatst op de N/Z meridiaan en de O/W antennes op de O/W meridiaan, daarbij is de geografische noordpool het noordelijke snijpunt van de omwentelingsas met het oppervlak. Na de “uitvinding van de Radio” en het vergrootte van de afstand waarop de “radiosignalen” konden worden waargenomen groeide bij de diverse instanties (militair) de wens om de richting en zo mogelijk de plaats van het uitgezonden radiosignaal te kunnen bepalen.

Vanaf de jaren 30 werd ook in Duitsland bestudeerd hoe dit mogelijk te maken. De Duitse wetenschappers liepen voorop en bereikte hun doel met de zgn. “Wullenwever” antenne deze originele naam is geïntroduceerd door Dr. Hans Rindfleisch, later de “Wullenweber” antenne genoemd en is ontwikkeld door the “Deutsch Marine Kommunikationsforschung Kommando” / “German Navy communication research command”. De benaming “Wullenwever” of “Wullenweber” is niet naar een bepaalde persoon vernoemd het is een “Cover name” om het Duitse geheime onderzoek en ontwikkeling van DF-antenne te identificeren.

Lees op deze webpagina het volledige verhaal inclusief verwijzingen naar foto’s en achtergronden zoals door Jan Pieter Oelp (PA3CLQ) onderzocht.

Zorg over antennebeleid gemeente Enschede

Antennebeleid  gemeente Enschede geanalyseerd

gemeente-enschedeDe gemeente Enschede heeft beleid vastgesteld m.b.t. antenne-installaties voor zendamateurs. VERON en VRZA hebben gezamenlijk hun zienswijzen ingediend op het concept-beleid. Helaas moeten wij constateren dat onze zienswijzen vrijwel niet tot aanpassing van het concept hebben geleid en dit, naar onze mening, nogal eens op onjuiste c.q. dubieuze gronden.

Het volgende geeft u daarvan een beeld:

1) De hoogtebeperking van 15 meter is volgens de verenigingen niet in alle gevallen toereikend. Zo is door de verenigingen aangegeven dat voor wereldwijde communicatie op HF-banden een kleine opstralingshoek dient te worden gerealiseerd en daarvoor is bijvoorbeeld voor de 40 m-band een hoogte van ca. 21 m vereist. De gemeente bestrijdt dit met een onbegrijpelijke redenering waaruit onder meer moet blijken dat zelfs een hoogte van 0,16 maal de golflengte al toereikend is! Dit heeft de gemeente echter gebaseerd op een publicatie omtrent NVIS (communicatie op korte afstand). Een reactie die in dit verband ridicuul is.

2) Door de verenigingen is een uitspraak-Haaksbergen aangehaald, waarin de Raad van State, in bewoordingen van algemene strekking, oordeelde dat de zendamateur voldoende aannemelijk had gemaakt dat voor een goede zend- en ontvangstmogelijkheid van en naar de plaatsen die een radioamateur als regel zal willen bereiken, een antennehoogte van 18 meter onder normale omstandigheden noodzakelijk is. Ook hier stelt de gemeente weer een specialist te hebben geraadpleegd en komt op grond daarvan met 2 niet terzake doende voorbeelden, gebaseerd op Line of Sight en NVIS. De gemeente stelt voorts simpelweg dat de uitspraak van 1980 is en gedateerd is.

3) De verenigingen hebben aan de hand van een uitspraak van rechtbank Breda gepoogd duidelijk te maken dat een categorische uitsluiting van installaties hoger dan 15 m en het categorisch uitsluiten van ontheffing in bepaalde delen van de gemeente -terwijl de wetgever dit wel mogelijk maakt- niet is toegestaan en dat steeds van geval tot geval de belangen moeten worden afgewogen. De gemeente wenst deze uitspraak anders te interpreteren.

4) Ook een overgelegde uitspraak-Loppersum werd van tafel geveegd. Hij zou voor het beleid niet relevant zijn omdat het ging om een verleende bouwvergunning waar een woningbouwvereniging problemen mee had. Waar het ons echter om ging -gelet op het door de gemeente in het algemeen onevenredig bezwarend verklaren- was de van de uitspraak deel uitmakende overweging dat zwaarwegende welstandsbezwaren niet aannemelijk worden geacht nu een groot aantal omwonenden had verklaard geen bezwaar te hebben. Wij kunnen ons niet voorstellen dat de gemeente dit niet begrepen heeft.
De gemeente blijkt bovendien van mening dat een antenne-installatie niet alleen mag worden geweigerd wanneer deze onevenredig bezwarend is voor anderen, maar ook wanneer is aangetoond dat er een minder bezwarend alternatief is! Uit de rechtspraak hebben wij een ander beeld.

5) De verenigingen hebben aangevoerd dat de gemeente de excessenregeling niet mag toepassen op breedte en vorm van een vergunningvrije installatie. De gemeente acht dit standpunt onjuist, en wel op zeer dubieuze gronden, te weten: een onjuiste interpretatie van een uitspraak van de voorzieningenrechter te Alkmaar en het ten onrechte verwijzen naar een -volgens de gemeente relevante- uitspraak-Overbetuwe. In laatstgenoemde uitspraak heeft de Raad van State echter geen uitspraak gedaan over de wijze van toepassing van de excessenregeling en zelfs uitdrukkelijk overwogen dat het hoger beroep zich daarop niet richtte.

6) De verenigingen hebben voorgesteld afwijkingen mogelijk te maken in het geval van positief welstandsadvies, het ontbreken van zwaarwegende welstandbezwaren en/of bij verklaringen van geen bezwaar van omwonenden (zie de uitspraak-Loppersum!). De gemeente is van mening dat daarmee extra beleidsregels worden toegevoegd en vindt dat niet wenselijk!

Het moge duidelijk zijn dat wij de nodige bedenkingen hebben tegen het door de gemeente Enschede te hanteren beleid en de overwegingen op grond waarvan dit tot stand gekomen is.

De wijze waarop op onze zienswijzen werd gereageerd, waarvan ons bovenstaande commentaar beknopt inzicht geeft, maakt dit mede duidelijk.

In hoeverre de restricties in het beleid in de praktijk al dan niet stand zullen houden zal moeten blijken uit toekomstige bezwaar- en beroepsprocedures.

Hoofdbestuur VERON en Bestuur VRZA.

screenshot website antennebureau

Ook radiozendamateurs in het antenneregister

Het Antenneregister; Ook voor radiozendamateurs!

Ga naar het antenneregisterGeachte radiozendamateurs,

Het was u misschien al opgevallen: ook de antenne-installaties van radiozendamateurs zijn zichtbaar in het antenneregister. Zendamateurs zijn sinds anderhalf jaar, net als veel vergunninghouders met antennes, verplicht om de locatie(s) van hun antenne-installatie(s) in het Antenneregister aan te geven. Deze wet is ingevoerd om burgers beter te kunnen informeren over de antennes in hun omgeving.

Het Agentschap Telecom verzoekt de zendamateurs die de coördinaten van hun antenne nog niet hebben aangeleverd, dat alsnog zo spoedig mogelijk te doen. Zie daarvoor deze oproep.

Met vriendelijke groeten.

Namens het Hoofdbestuur van de VERON,

Eric-Jan Wösten (PA3CEV)

 

P.S. Klik hier voor de juiste URLs voor de Handleiding registreren coördinaten en voor meer tips en veelgestelde vragen.